In pretparken en op kermissen geldt: ‘veiligheid voorop, safety first’, zowel wat jijzelf als wat de attractie betreft. Of dat zou toch alleszins de bedoeling moeten zijn…
A. Je eigen veiligheid
1) In een pretpark
Tegen de meetlat of onder de meetstok staan, is een weinig favoriete bezigheid van pretparktoeristen. Zich aan de kassa zo klein mogelijk maken om zo weinig mogelijk te moeten betalen, maar zich aan de attractie zo groot mogelijk maken om er toch maar op te mogen: het zijn typische trucjes die meermaals uit de kast worden gehaald. Weet echter dat je hiermee je eigen leven en dat van kinderen in gevaar brengt.
Het is inderdaad niet fijn wanneer iemand niet in een attractie mag omdat hij/zij (nog) te klein is. Deze regels gelden echter niet om mensen te pesten, maar wel voor hun eigen veiligheid. Al mogen sommige lengte-voorschriften naar mijn aanvoelen ietwat worden bijgesteld (lees: logischer gemaakt).
Een tip: meet vóór je pretparkbezoek je kind op een eerlijke manier, aan de meter bij de ingang. Wanneer je aan de attractie zelf komt, meet je het kind voor de zekerheid ook nog eens. Dat voorkomt teleurstellingen en discussies wanneer blijkt dat het kind – na lange tijd te hebben aangeschoven – tóch niet in de attractie mag plaatsnemen.
Ook mensen die – met alle respect – te lang of te dik zijn, worden geweigerd. Soms staan er aan het begin van een achtbaan zogenaamde ‘proef-zitjes’, waarin je op voorhand kan plaatsnemen om te testen hoe het karretje aanvoelt. Afhankelijk van het type attractie wordt trouwens aangeraden om je ledematen (en je hoofd) zo dicht mogelijk bij je te houden en niet bewust te gaan uitsteken. Iets waar ik (de auteur) zelf óók vaak op let, aangezien ik niet van de kleinsten ben.
2) Op de kermis
Op kermissen valt de bewuste ‘meetlat’ maar weinig te bespeuren, maar is het al dan niet plaatsnemen in een attractie vaak een kwestie van ‘gezond verstand’. Uiteraard houden de uitbater en z’n helpers een oogje in het zeil, al lijkt het hier vooral belangrijk of de bezoekers oud genoeg zijn en of ze – indien nodig – vergezeld worden van een oudere begeleider.
B. De veiligheid van attracties
1) In een pretpark
Het keuren van pretpark-attracties verschilt van werelddeel tot werelddeel en zelfs van park tot park. Voor Europa is bijvoorbeeld het Duitse TÜV een bekend onafhankelijk controleorgaan. Misschien heb je al eens zo’n TÜV-sticker op een bedieningscabine zien kleven? Sommige grote parken (zoals Disney) hebben permanent een vast keuringsteam in dienst. Abnormaliteiten worden bijgehouden in een logboek en opgevolgd door de techniekers.
2) Op de kermis
Het spreekt voor zich dat de uitbater instaat voor de veiligheid van z’n eigen attractie. Extra controleren of elke vijs goed werd vastgedraaid en elk dat onderdeel juist werd gemonteerd. Ook komen er – net als bij pretparken – onafhankelijke controleorganen aan te pas. Vermits de kermissen tot de ‘lokale economie’ behoren, wordt hun reilen en zeilen ook in de gaten gehouden door lokale en bevoegde overheden.
Alvorens de attracties openen voor het grote publiek, worden er uiteraard testrondjes gemaakt.
Ongelukken
Ondanks alle controles en veiligheidsvoorschriften gebeuren er helaas (dodelijke) ongevallen, al komen die gelukkig weinig voor. Denk bijvoorbeeld aan een karretje van een ‘rappe rups’ dat losschoot op een Vlaamse kermis. Of denk aan dat ongeluk op een stalen achtaan in Alton Towers. James Wong verwerkte zelfs een achtbaanongeluk in een van z’n films.
Het had niet veel gescheeld of ik (de auteur) had zélf een ongeluk meegemaakt, toen ik samen met m’n dierbaren in de Calidius stapte: een ballontoren in Sprookjesbos Valkenburg (zie foto hieronder). Enkele weken later smakte een gondel tegen de grond, waarbij inzittenden gewond raakten: een ervaring op zich. We hebben geluk gehad, want blijkbaar was het een kwestie van tijd. Sprookjesbos Valkenburg is intussen failliet verklaard, al hoopt de eigenaar ooit nog te heropenen.
Als we sommige bronnen op het internet mogen geloven, was de Calidius geen nieuwe attractie, maar een tweedehandse. Afkomstig van een ander park, maar wel ‘gereviseerd’ en ‘opgeknapt’ naar eigen stijl. Een attractie die in het ene park wordt afgebroken, wordt doorverkocht en vervolgens in een ander park weer wordt opgebouwd: het gebeurt wel vaker. Al mag dat uiteraard geen excuus zijn voor een ongeluk.
Voel jíj je tegenwoordig nog veilig in pretpark- en kermisattracties?